door op 31-10-2013 10:54ARTIKELHuman

Jacqueline Rutten van Centraal Museum: “Ik geloof heilig in samenwerken.”

Van Gogh & Gauguin was Jacqueline Ruttens eerste cultuurproject in de bankwereld waar ze werkzaam was. Daar laaide haar liefde voor Van Gogh op. Een aanbod om als hoofd development bij een culturele instelling te komen werken, sloeg ze af. Als ze de overstap zou maken naar de culturele sector moest het bij een internationaal merk als het Van Gogh Museum zijn. Vlak daarna werd haar wéér een baan aangeboden, bij het van Gogh Museum op de afdeling Development. In augustus 2017 vertrok ze na negen jaar om bij het Centraal Museum in Utrecht te werken als hoofd Publiek & Informatie. In een interview met Cultuurmarketing deelde zij haar visie op marketing en vertelde ze over haar nieuwe functie.

Wat was je motivatie om van baan te wisselen?

Ik had voor mezelf een wensenlijst van waar een nieuwe baan aan moet voldoen. Een mooi merk, een duidelijke lange termijnvisie vanuit de directie, een brede functie waar marketing een onderdeel van is en een goed team waren onder andere belangrijk voor mij. Uiteindelijk kon ik bij het Centraal Museum Utrecht, waaronder nijntje museum en Rietveld Schröderhuis, de hele lijst afvinken.

Waar houd jij je als hoofd publiek & informatie voornamelijk mee bezig?

De afdeling Publiek & Informatie is verantwoordelijk voor de ontwikkeling en uitvoering van het beleid op het gebied van (online) marketing, communicatie, educatie en publieksservice. Er zijn drie medewerkers voor marketing en vier medewerkers op het gebied van educatie onder leiding van een coördinator. Ik weet dat educatie bij andere culturele instellingen soms een aparte afdeling is, maar ik vind de connectie met marketing een logische. Marketing bedenkt hoe je content in de markt zet en Educatie zorgt voor de vertaling naar het publiek.

Als hoofd Publiek en Informatie houd ik me naast het aansturen van het team zelf bezig met branding, woordvoering, aantrekken van samenwerkingspartners binnen en buiten de stad en ook interne communicatie. Hierbij werken we in een gevarieerd team van jong tot oud. Er is een goed balans tussen nieuwe mensen met een frisse blik en ervaren mensen met kennis van de historie en het museum. Daar kan ik me alleen maar gelukkig mee prijzen.

Waar zie jij kansen voor het Centraal Museum?

Het Centraal Museum is echt een museum dat verbonden is met de stad Utrecht. Dat zie je in de collectie terug, maar ook in de activiteiten die we ondernemen. Op lokaal niveau werken we veel samen om diverse initiatieven tot stand te brengen. Zo zijn er bijvoorbeeld samen met Utrechtse onderwijsinstellingen educatieve programma’s ontwikkeld.  Samen met bedrijven en kennisinstellingen in de stad is gewerkt aan grote kunstprojecten in de openbare ruimte. In dit intensiveren van samenwerking liggen wel nog kansen.  Een voorbeeld van een geslaagde samenwerking is wat mij betreft het ‘De Stijl’ -jaar: Van Mondriaan tot Dutch Design’. Dat was een landelijke samenwerking, waarbij de deelnemende partners elkaar versterkten in de marketing en communicatie.

Daarnaast zien we mogelijkheden om meer buitenlandse bezoekers aan het museum te verbinden. Dit kunnen we doen door onze samenwerking met lokale en regionale partijen nog meer te versterken, zoals toeristische organisaties en de Gemeente Utrecht. Verder werken wij waar het relevant is tweetalig. De zaalteksten zijn altijd tweetalig, en ook onze gastvrouwen worden op tweetaligheid geselecteerd. In 2018 hebben we twee projecten met grote internationale potentie gepland. Zo komt er een grote overzichtstentoonstelling over modeontwerper Jan Taminiau. En voor de tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio, Europa’ bezitten we bruiklenen die nog nooit eerder in Nederland zijn geweest.

We hebben verder goed in beeld wie onze Nederlandse bezoekers zijn. Hiervoor hebben we het Mosaic-huishuidenmodel gebruikt, die wij vervolgens weer hebben gekoppeld aan perona’s. Aan de hand van verwachtingen en behoeften met betrekking tot een museumbezoek zijn er vijf verschillende persona’s in kaart gebracht. Deze vijf persona’s worden ook gevolgd in ons publieksonderzoek. Ook binnen deze persona’s ligt nog veel potentie om meer bezoekers aan het museum te verbinden.

Welke (marketing) trends of ontwikkelingen vind je momenteel het meest belangrijk voor de cultuursector?

Diversiteit is een steeds relevanter thema voor culturele instellingen. De wereld verandert en hoe speel je daarop in? Niet alleen voor de programmering, personeelsbeleid of activiteiten, maar ook in je marketing en communicatie. Zonder een goede online strategie, gaan veel culturele instellingen over vijf tot tien jaar een deel van hun relevantie verliezen en raken hun mogelijkheden beperkt. De komende generatie zoekt bijna alleen nog maar online informatie of communiceert online. Het zal bijvoorbeeld steeds normaler worden om eerst een virtuele rondleiding te volgen voordat mensen ‘the real thing’ willen zien. Of ze willen door middel van Augmented Reality (AR) of Virtual Reality (VR) verdieping op de ‘live’ ervaring die ze hebben. Dit laatste gaan we bij het Centraal Museum ook verder ontwikkelen.

Ik geloof heilig in samenwerking. Daarom begrijp ik de huidige discussie over schoolkinderen die naar het Rijksmuseum moeten niet. We moeten juist laten zien dat veel schoolkinderen al musea bezoeken. Wij kunnen laten zien hoe we helpen bij hun culturele ontwikkeling en misschien ook in het ontdekken van hun eigen identiteit. We kunnen als cultuursector gezamenlijk zoveel meer bereiken.

En tenslotte misschien een open deur, maar het komt helaas nog steeds voor dat musea ervan uitgaan dat hun product vanzelfsprekend relevant is. ‘Wij hebben een product en bieden dit aan,’ is de boodschap, terwijl de vraag zou moeten zijn: ‘wat is onze relevantie voor de museumbezoeker?’ Gelukkig zien veel culturele instellingen dat en wordt er meer dan ooit onderzoek gedaan en data verzameld zodat instellingen antwoord kunnen geven op deze vraag.

Waar haal jij je inspiratie vandaan?   

Inspiratie haal ik bij mensen om mij heen vandaan. Mensen in de culturele sector zijn vaak gepassioneerde mensen en beoefenen hun vak met veel liefde, dat vind ik inspirerend. Dat er veel middelbare schoolklassen op de tentoonstellingen ‘Rietvelds meesterwerk’ of ‘Uit de mode’ af zijn gekomen vind ik hoopvol voor de toekomst. Het is mooi om te zien wat kunst met mensen kan doen en voor hen kan betekenen.

 

Fotocredit

Movers & Shakers wordt mede mogelijk gemaakt door Culturele vacatures.